Cees Willemsen

Lage Markt 48
6511VL Nijmegen

Zaak: +31 248 443 0 99
Mobiel: +31 640 729 594

info@ceeswillemsen.nl

Onlangs is de digitale versie op internet gepubliceerd van onze Bibliografie van Russische literatuur in Nederlandse vertaling 1789-2021 Библиография русской литературы в нидерландском переводе. Emmanuel Waegemans, Cees Willemsen en Huub Severiens. Bijna alle genoemde titels (plusminus 3000) zijn in de KB in Den Haag opgenomen in de: Collectie Cees Willemsen


Actueel



2021

In mei verscheen de digitale versie van Bibliografie van Russische literatuur in Nederlandse vertaling 1789-2020/ Библиография русской литературы в нидерландском переводе. Emmanuel Waegemans, Cees Willemsen en Huub Severiens, op internet. Inmiddels is het aantal bezoekers nauwelijks meer te tellen. Nagenoeg alle van de plusminus 3000 titels zijn in de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag opgenomen en dus terug te vinden in de: Collectie Cees Willemsen. Huub Severiens heeft deze digitale versie voorzien van allerlei nuttige statistieken en boeiende 'weetjes'.

In Winters Magazine nr.1 en nr. 2-2021 publiceerde ik twee interviews met oud-werknemers van Winters bouw&ontwikkeling uit Breda en ook een tweede deel van hun bedrijfsgeschiedenis.

2020

Nieuwe opdracht

Na een zeer geslaagde presentatie van mijn onderzoeksvoorstel tijdens de Echo-bijeenkomst in december j.l. heb ik vervolgens de opdracht gekregen om de geschiedenis van het Kansfonds vast te leggen. In september 2022 bestaat genoemd fonds 65 jaar en zal mijn boek worden gepresenteerd.

In: Impressie. Tijdschrift voor Katholiek Erfgoed 27 (2020) presenteerde ik een korte inleiding op mijn onderzoek naar de geschiedenis van het Kansfonds onder de titel: GOKLUST & DE METAMORFOSE VAN DE KATHOLIEKE CARITAS

Lovende recensies

Langzaam druppelen er steeds meer recensies binnen van Aeterna Veritas, de geschiedenis van de Utrechtse studentenvereniging Veritas. Opnieuw erg positieve besprekingen. De eerste, zeer uitgebreide is van de hand van historicus AEM Janssen in de laatste (fysieke) Streven. In het Tijdschrift voor Nederlandse Kerkgeschiedenis verscheen een uitermate lovende recensie van Lodewijk Winkeler, voormalig directeur van het Katholiek Documentatie Centrum (KDC). Opmerkelijk is ook zijn bijzondere waardering voor mijn geliefde interviewgebruik. Deze oral historymethode wordt in vakkringen nog altijd met een zekere scepsis bekeken, terwijl het, mits in de juiste context geplaatst, vaak unieke historische informatie oplevert, die in de bestaande (schriftelijke) bronnen inclusief beeldmateriaal niet gevonden kan worden.

Winters bouw&ontwikkeling

In Winters Magazine 6 -2020 verscheen een kort essay van mijn hand over de eerste jaren van Winters bouw&ontwikkeling uit Breda. De eerste klant die ik na de start van het bedrijf in 1850 kon traceren was de eeuwenoude hoeve De Blauwe Kei in het toenmalige Teteringen vlakbij Breda.

Spectaculaire vondst

Een enorme leuke bijvangst van mijn Wintersonderzoek was de ontdekking van een eeuwenoud houten paneel,met een schildering van hoeve De Blauwe Kei. Deze was door de toenmalige Bredase stadsarchivaris Brekelmans in de jaren vijftig van de vorige eeuw in genoemde boerderij getraceerd en gedateerd op plusminus 1840. Omdat de afbeelding op veel punten afweek van de oudst bekende foto van diezelfde hoeve, twijfelde de respectabele Brekelmans wel enigszins aan zijn datering, maar hield er uiteindelijk toch aan vast. Het gaat hier te ver om mijn uitgebreide analyse van de ouderdom van het paneel uiteen te zetten, maar ik kom op goede gronden tot de conclusie dat dit paneel ongeveer tweehonderd ouder moet zijn. Dit zou betekenen dat we hier te maken hebben met een zeer vroege, unieke afbeelding uit de rurale geschiedenis van de Baronie van Breda, ook in nationaal perspectief een zeer belangwekkend stuk. Het paneel bevond zich in het depot van het Stedelijk Museum Breda. De directie liet zich overtuigen door mijn argumentatie en heeft besloten de ouderdom van het paneel te laten bepalen door middel van materiaalonderzoek aan zowel de verf als het hout van het paneel door de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed. . Als deze dienst mijn hypothese bevestigt, heeft het Bredaas museum een topstuk in huis. Er is inmiddels ook al geld gereserveerd voor een restaurateur.

2019

In oktober voltooide ik mijn proefschrift over de geschiedenis van de Socialistische Uitgeverij Nijmegen (SUN). Toch zal het niet voor komende zomer (2020) zijn dat ik dit proefschrift aan de Radboud Universiteit zal kunnen verdedigen. Zo zal ik (deels) nog de kritiek moeten verwerken van mijn promotoren Remieg Aerts en James Kennedy, de leescommissie etc. En in het geval dat de uitgeverij besluit of de wens heeft de handelseditie van mijn dissertatie tegelijk met de promotie te presenteren, moet er nog heel wat gepolijst plus uitgezocht worden, denk alleen al aan de illustraties.

Afgelopen september ben ik begonnen aan een vooronderzoek om de mogelijkheden voor een geschiedenis van het Kansfonds te bezien. Het Kansfonds is een van oorsprong katholiek hulpfonds dat in samenwerking met de KRO doneerde aan allerlei goede doelen. Ze doneren nog steeds vanuit de katholieke caritasgedachte en met financiele bijdragen van de Vriendenloterij aan projecten die zich bekommeren om de minderbedeelden in onze samenleving. De meeste archiefstukken liggen in het Nijmeegse KDC (Katholiek Documentatie Centrum). Medio december presenteer ik de resultaten van dit onderzoek op een conferentie van de stichting Echo.

Afgelopen augustus voltooide ik een artikel over de voorgeschiedenis van het Bredase bouwbedrijf Sprangers. Formeel dateert Sprangers van 1796, toen Lambert zich vanuit het Belgische Meerle vestigde in Princenhage. Naar nu blijkt beoefenden de Sprangersen het timmermans- c.q. aannemersvak in deze meest noordelijke Belgische gemeente al vanaf de late middeleeuwen. Men zou daarom met goed recht het geboortejaar van Sprangers, nu al een van de oudste bouwbedrijven in Nederland, fors kunnen vervroegen. In elk geval vanaf plusminus 1700 bezaten de Sprangersen een bouwbedrijf in Meerle. De oudste rekening van Hendrik Aert Sprangers voor timmerwerkzaamheden dateert zelfs uit 1543.

Winters Bouw en Ontwikkeling BV in Breda heeft me onlangs gevraagd hun geschiedenis vanaf 1850 in kaart te brengen. In eerste instantie ten behoeve van hun website, waarin de highlights uit hun geschiedenis getoond zullen worden. Later zal dit, bij gelegenheid van hun 175-jarig bestaan, uitmonden in een echte (boek)geschiedenis.

Studium.Tijdschrift voor Wetenschaps -en Universiteitsgeschiedenis publiceerde een zeer lovende recensie van mijn Aeterna Veritas. Deze geschiedenis van de Utrechtse studentenvereniging Veritas zou onmisbaar zijn voor eenieder die geinteresseerd is in de geschiedenis van de universiteit en van het katholicisme.

Het Stan Huygensjournaal van dagblad De Telegraaf besteedde op 9 (digitaal) en 10 augustus 2019 uitgebreid aandacht aan mijn boek over de geschiedenis van het ondernemersgeslacht Ouborg (klik hier). De Ouborgs lijken exemplarisch voor de Nederlandse ondernemingszin, vaak gevoed door buitenlandse genen, in hun geval de zeer succesvolle Franse Hugenoten.